Eik

Klop, klop, klop

Zachtjes klopt mijn kleine vuistje op het hout. Een flink blok ligt op de werkbank, daar gaat iemand maandag iets van maken. In deze grote koude hal, de fabriek waar het gebeurt. Voelt voor mij als een warm bad. Ik groei hier op, een tweede thuis. Mijn ouders werken hier al ontzettend lang, zo lang ik me kan herinneren. De sigaretten stonden uitnodigend in een houder op de bar, klanten en personeel konden aanschuiven. Maakt niet uit wie je bent, iedereen is welkom voor een drankje. De houtsnippers liggen in de fabriek op de grond. De geur komt me tegemoet bij het openen van de een metershoge schuifdeur naar de fabriek. De meubels, die hier gemaakt worden, gaan niet kapot. Nee, zo worden ze niet meer gemaakt. De consumptiemaatschappij heeft ondertussen zijn intrede gemaakt. Deze meubels waren niet kapot te krijgen. Ik voelde me daar thuis, door de koekjes bij de koffie, van die heerlijke kruidkoekjes. Een paar keer per jaar konden klanten cadeautjes ophalen. De auto’s stonden tot ver in de straat geparkeerd. De Brabantse gemoedelijkheid van geven en iedereen is welkom, om deel uit te maken van deze ‘familie’.    

De grote toonzaal was prachtig om verstoppertje te spelen, want overal zaten hoeken en gaten om te schuilen. Het tellen tot tien galmde na, dus dan weet je het wel. Mama vond het minder, die schoot in de stress als ze ons niet kon vinden. In het hart van het bedrijf stond een prachtige, ruim opgezette houten trap. De deuren staan bijna altijd open. Een donker gat, dat leidde ons naar een donkere gang. Mijn vaders glimlach, iedere keer weer, wanneer hij ons zag binnenkomen, een big smile van oor tot oor. Hij zat dan achter zijn bureau met een groot bord met de kaart van Nederland achter hem. Daarop zaten gekleurde magneetjes, die de vrachtwagens voorstelden, verschillende routes door het hele land en de woonplaatsen van de kopers. Dat puzzelstuk was verboden om aan te komen. Soms kon ik het niet laten om aan die kleine gekleurde magneetjes te zitten. Mijn vader zag dat dan gebeuren, tilde me op en zette me op zijn grote bureaustoel.Het was ontzettend stoer om op papa’s stoel te zitten. Dan waren we de koning te rijk om daarop rond te draaien. Wie mocht het eerst en elkaar eraf duwen, terwijl er meerdere stoelen stonden. Toch was die van papa het beste. De werkdag was nog niet helemaal voorbij dus voor mijn broer en mij de gelegenheid om boven eens rond te neuzen. Heel spannend om langs de grote zware houten deur heen te kijken. Deze stond dan een klein beetje op een kiertje. Stiekem en heel stil liepen we dan die richting om. Soms vingen we een glimps op, van de ruimte waar meestal de grote baas zat, de directeur. Een groot donker houten bureau in het midden van de kamer met een echte ouderwetse weegschaal erop en van die kleine emmertjes met cijfers erop. Zwarte leren stoel, groene bureaulamp, de sfeer komt naar buiten gesijpeld. De beslissingen worden hier genomen. Hier werden belangrijke gesprekken gevoerd, dat was duidelijk. Soms als het hard had geregend, stonden overal emmers om druppels op te vangen door lekkages overal. Dan hielpen we mee. Ook op die spannende kamer, om de emmers te legen en terug te zetten.  Ik keek ‘r echt tegen op, de verboden kamer met de grote zware deuren. 

Na al die jaren volgt een rust en ritme, alle ins en outs zijn bekend, men kent het bedrijf. Het bedrijf had ook een aanzien, want in heel de Benelux en Duitsland kennen ze deze meubels. Door heel Nederland hadden ze winkels, maar in Oisterwijk stond ook de grote fabriek, daar waar ze zelfs met fietsen sneller naar de andere kant konden.  Het voelt veilig en geeft rust dat mijn ouders bij een goedlopend en stabiel bedrijf werken en later zelfs eigenaar van worden. De klanten komen ons bezoeken met de Kerst en op open zondagen. Het blijft een feestje met het geven van cadeautjes en hapjes.

Zoals in elk bedrijf gaat het soms wat sneller of trager met de verkoop, dan komt iemand met een idee of nieuwe boodschap, daar wordt dan de ruimte voor gemaakt. De medewerkers hadden ieder een eigen karakter. Het werd geaccepteerd, omdat er andere kwaliteiten tegenover stonden. Toch ging het soms ten koste van de gastvrijheid en de vriendelijkheid. Het kopje koffie, dat volgens sommige gastvrouwen niet meer vanzelfsprekend is. Grenzen overschreden, omdat het speelveld te groot is geworden. Het moed zakte soms in de schoenen, omdat men te veel vrijheid voelde. Een beestenboel, waarin het belang van de groep niet meer is, maar wel samenspant uit eigen belang. De rechtvaardigheid is ver te vinden, wanneer de neuzen niet meer dezelfde kant op staan.

Met wilskracht is het mogelijk om jaren door te gaan. Gesprekken tot diep in de nacht, om de rust te kunnen blijven voelen en de kracht om door te gaan. Het beste voor hebben met de collega’s en leveranciers. Op het laatst was het onmogelijk om het voor iedereen goed te doen. Onvoorziene omstandigheden, regenbuien die de zaak onder water zetten. De oneerlijkheid van de verhuurder van het pand, die niet wil meedenken in een tijd dat de meubelbranche het erg zwaar heeft. De vernieuwende ideeën lagen op tafel…. niemand die wil luisteren. Van alle kanten wordt er getrokken. Een lange periode, waarin het flink op de zenuwen is gaan werken. Het strookt niet met wat je wilt en wat er kan. Uitputtend dat hard werken niets meer oplevert. Anderen hebben de macht in handen. De weegschaal valt  een ongewenste kant op. Na jarenlang het hoofd boven water te houden, is het op. Moe van het rechttrekken, het drogen van de tranen, verwerken en omgaan met de teleurstelling. Het begint ten koste van de gezondheid te gaan….

Een tijd later, op een parkeerplaats, in de regen onder de vallende bladeren, verrast ons een ontmoeting bij de psycholoog. “Jij ook hier?” Nog steeds heeft mijn vader die big smile als hij me ziet en ik kijk naar hem op.

november 2024

“klop, klop, klop wie is daar?

de gulle gever is een kracht

beestenboel kom tot bedaar

rust in die als laatste lacht”

Doetip: Het recht in eigen hand nemen door de kracht terug te nemen. Tegen de eikenboom handen naar voren, handpalmen omhoog. Zeg hardop: het is een beestenboel maar het hoofd blijft koel. Omdraaien met rug naar de boom en handpalmen omhoog. Links de emotie en rechts de gedachten, die niet meer dienen. Een paar keer hardop zeggen wat er in de handen ligt. Knijp het stevig vast, draai het lichaam naar de boom terug. Laat de handen los en weegt het iets minder zwaar.