Calendula
Het hele kalenderjaar door gaan we naar buiten, tenminste als het weer het toelaat. Bij regen en harde rukwinden blijven we thuis. Geen onnodig risico met een kleintje. Er gebeurt al genoeg het afgelopen jaar. Mijn vader heeft, die stomme rotziekte, waarbij stil en rustig blijven het enige is om door een tijd van afwachten te komen. De rode littekens zichtbaar op het hoofd. Koud buiten, dan na de wandeling, binnen rijk opwarmen met een kopje warme zoete thee. Een waterige neus die gesnoten moet worden, geen probleem. We trotseren meestal het weer en omarmen wat er op ons pad komt, want het buiten zijn heeft ons opgewarmd in een tijd van het koude. De twee boogschutters samen op avontuur, door weer en minimale wind, op zoek naar een regenboog.
Oh dennenappels, oh pap, dit is een grap, dat was ik niet hoor.. Dat zweer ik je! Eentje bleef door de hars aan je jas plakken. De hele weg terug, ging het over waar die dennenappel vandaan kwam…. Ik meen het, de dennenappel viel uit die boom. Ik heb echt niet gegooid…. Schaamterood siert het liegen, overduidelijk. Een andere keer gooide je voor de grap dennenappels mijn richting in. Rode vlekken van de schrik. Dennenappels worden vanaf die dag regelmatig voor de grap in de richting van de ander gegooid. Of in de hoogte gegooid om tegenaan te trappen. Of wie het verste er een kan gooien in het water. Sindsdien is het een terugkerend gebeuren in het duingebied en blijft die grap ons achtervolgen. Met vallen en opstaan de droogste grappen verzinnen. Die droge grappen komen er onderhuids uit. Tijdens het insmeren van de droge plekjes pakt Ladybird me stevig vast en roept ‘got you’. Tegelijkertijd ontsnapt een nies ‘hatsjoe’. En mijn vader roept ons na ‘bless you’. Grappig hoe in de fantasie onze avonturen ontstaan. In onze tuin staat een oranje stenen bakje, onze schatkist. Deze wordt iedere keer na een avontuur in de duinen, met nieuwe grote bruine droge dennenappels versierd. Het huis van allerlei diertjes. De momenten van samen lachen, spelen in de zon en regen zijn onze gouden herinneringen.
De duinen steken af bij een prachtige blauwe lucht met een wolkje hier en daar. Bij het eerste zicht van de zandheuvels schieten de laarsjes uit en rent die kleine meid op haar blote voeten in het zand naar beneden. In eerste instantie denk ik: nee is het veilig? Kan dit wel? Of ligt er iets scherps of hards? Een blokkade in mijn hoofd, die zorgt voor een twijfel… Aan de ene kant een soort van vaste overtuiging, dat het niet kan… samen met angst voor wat als… en aan de andere kant: Wat maakt het uit? Laat haar toch lekker kind zijn. Het zit onder mijn huid en de dialoog in mij kabbelt voort… Dan is ze zichtbaar aan het genieten van het spelen in het zand. Ik ga naast mijn vader zitten op een boomstam om in de verte te kijken. Gedachten en gevoelens, die de revue passeren, in de stilte van de wind. Het is genieten van het uitgebreide uitzicht. Zitten enige tijd op de harde koude stenen bank, met een lach en een traan. Op een kleine berg met zicht over de droge zandheuvels door de bescheiden aardetinten van de heide. Op de achtergrond in de verte zijn de verschillende donkerbruine vormen van naaldbomen zichtbaar. De zonnestralen verwarmen in de koude bries. Je goudblonde haartjes blinken in het licht. Onze neusjes volgen de zachte zonnestralen, die door de wolken heen komen. Kleine ladybird krijgt ook al beginnende stipjes op haar neusje. De zachte aanraking van zonnestralen, sproetjes… schattige zomersproetjes… ‘Kleintje, ik doe met je mee!’ Mijn schoenen en sokken gaan ook uit. Heerlijk die voeten tussen de zachte witte zandkorrels in de grootste zandbak.
In de bossen om te schuilen onder de bomen voor de zonnestralen en regendruppels. Iedere keer in verbazing over alle kleuren van die regenboog, die in elkaar overgaan. Draaiend van ven naar ven en dan weer om de vennen heen, het gaat maar rond en rond en rond het hele jaar door. “Pas op!” Oh, de schrik zit er goed in en de stresslevels schieten omhoog, wanneer ze het verharde fietspad oversteekt zonder te kijken. Fietser gaat aan de kant en jij staat stokstijf stil op het pad. Stilstaan in het verkeer als je het niet weet. ‘Goed gedaan meisje’. Een stukje verder gaan we zitten om op adem te komen en fruit te eten. De beestjes vliegen al in het rond en de miertjes lopen over het bankje. De rillingen lopen over mijn lijf van de schrik en de beestjes. Onze handen beginnen te plakken en je jasje van de fruitsappen. Onze handen hebben we gewassen in het water van de vennen. Tijdens het wassen regent het een beetje en valt het zonlicht op de regendruppels en het water. Een bijzonder moment, waarin het grijze alle kleuren krijgt door de veranderende lichtinval. Je vergeet het niet meer, want iedere keer wanneer we hier lopen zeg je “mama waar is de regenboog?” Dit soort hartverwarmende momenten zijn de rode draadjes in ons leven. Je rent vrolijk langs het water en de beestjes vliegen met je mee. Libellen, vliegjes, vogeltjes, muggen, bijtjes, hommels, ze komen allemaal met ons mee. Jouw gouden keeltje zingt door de bomen en de zonnestralen, met een eigen liedje over beestje en de regenboog.
Vanmiddag regent het en is het erg koud, dus een rondje in de buurt wandelen voor een frisse neus. De laarsjes aan en stampen in de plassen. Goed aankleden muts op sjaal aan, want het snotteren is weer in aantocht. Daar heeft ze geen zin in. Zij heeft het sneller warm dan ik, maar daar komt dan bij mij weer die blokkade. Wat is wijsheid en veilig om niet ziek te worden? Of voelt zij het het beste aan? Het laatste wat mijn moederhart wil, is een kind dat ziek is. Voor haar een avontuur om in de buurt te wandelen, te kletsen met de buren, de omgeving verkennen, genoeg te zien. Het maakt haar niet uit, ze maakt het overal naar haar zin. De oranje vlaggen hangen buiten, want het Nederlands elftal is op het WK aan het voetballen. De warme kleur tekent mooi af tegen de grauwe grijze lucht. Ze springt regelmatig bij buren om de hoek op de trampoline, maar soms blijft ze iets te lang plakken. Dan baal ik ervan, dat ze in die tuin gaat spelen. De puf om er iets van te zeggen is er niet…. en zij doet precies waar ze zin in heeft. Haar aanstekelijke lach maakt bij mij iets los en bevordert mijn mood. Want helaas is niet iedere dag met slingers gekleed, maar gewoon grijs soms. Ze ontsteekt iets door met een open blik de wereld tegemoet te treden, dat is geweldig. Het zonnetje van de straat met een hartje van goud.
Het is nu echt wintertijd. Na de feestdagen. Buiten is het grijs en koud. Er ligt sneeuw. Je laarsjes zijn snel aan, zonder jas in je pyjama sta je in de tuin. “Kom gauw naar binnen en doe een jas en sjaal aan. Dan kun je daarna in de tuin spelen.” Je bent erg blij en kraakt je weg in de verse sneeuw. De witte deken ziet er zuiver uit, er heeft nog niemand op gelopen. Een flinke diepe ademhaling, waardoor de koude lucht tot diep in mijn longen de warmte opzoekt. Net wakker, lopen we samen in onze pyjama door de tuin met een bal te gooien. De zon staat laag en komt een kijkje nemen hoe we onze dag beginnen. De kleine meid wil een sneeuwbal maken, maar het lukt niet en ze moppert. De lach verschijnt weer wanneer ze een paar keer mij in sneeuw heeft bedolven. Na een klein kwartiertje begint een maagje te knorren. Het is tijd om ons op te frissen en havermoutpap te gaan eten. Die stond al zachtjes te pruttelen op het fornuis. Plots ligt de kleine meid languit in de sneeuw. Ze is gevallen en wordt boos. “Ach meid kom hier.” Ik til haar op en we gaan voorzichtig naar binnen. Ze zit op tafel en haar jasje en laarsjes gaan uit. Haar broekje blijft door het bloed aan haar beentje vastzitten. Voorzichtig met water schoonmaken en losweken. Er zit een flinke schaafwond op haar knie en een paar blauwe plekken beginnen te verschijnen. “Mama ‘potje goud’ en pleister van unicorn.” Ons bruine potje zit in ons hart, in onze herinneringen. De zon schijnt laag naar binnen op de kristallen van de kroonluchter. De glazen steentjes worden verlicht door de zonnestralen en overal op onze muren zien we kleine regenboogjes. Ik ben druk bezig met het reinigen van de wond en mopper op de sneeuw. ‘Mama kijk!’ Haar oogjes vol verwondering en ook bij mij verzacht alles. De hele woonkamer versiert met kleine regenboogjes. Het is prachtig. Met het potje in mijn hand, mijn dochter vol geluk… Een momentje zijn we er allebei stil van.
De dagen waar een regenboog te zien is, fantaseren we over een pot met goud. Wat de pot met goud ons kan brengen. Bij iedere wandeling gaat ‘ons potje goud’ mee in de tas. Oh wat heeft die ons al veel gebracht….. Een donkerbruin potje gevuld met de kleuren van de regenboog…. Gevuld met troost en herinneringen… bijzondere momenten…. een hartje van goud… Ons hart van herinneringen gevuld met goud… Gouden momenten… Bless our moments ladybird….
januari 2022
“gesloten wondjes pak alles, aan het einde van de regenboog… staat het gouden potje…. lach op de mond en traan in het oog, verschijnt het hart met gouden slotje”
Doetip: Zorg voor jezelf, zoals je ook voor anderen zou zorgen. Na het schoonmaken van de huid, insmeren en verzorgen. Verzorgen van binnen door te weten wat je eet. Heb jezelf lief, zoals je een ander ook lief zou hebben. Met een gouden randje plakken we een regenboog, zodat de zon daarna kan gaan schijnen van binnen en buiten!